Feedbackcultuur bouwen: wat er echt voor nodig is
- Paul van Heeringen

- 23 aug 2024
- 4 minuten om te lezen
Bijgewerkt op: 11 jun
Feedbackcultuur bouwen: wat er echt voor nodig is
Een feedbackcultuur bouwen is geen trainingsproject, het is een leiderschapsproject. De cultuur volgt het gedrag van de top: als leidinggevenden zelf feedback vragen en er iets mee doen, volgt de rest vanzelf.
De training is klaar. En nu?
Stel: je stuurt je hele MT naar een feedbacktraining. Twee dagen, goed facilitator, mooie locatie buiten de stad. Iedereen komt enthousiast terug. Er worden afspraken gemaakt. Een paar weken later zie je op de werkvloer... precies hetzelfde als daarvoor.
Dit is geen uitzondering. Dit is de regel.
Ik spreek regelmatig directeuren die oprecht teleurgesteld zijn. Ze hebben geïnvesteerd in training, in tools, soms in een heel feedbacksysteem. En toch blijft de cultuur hangen. Mensen zeggen dat ze feedback waarderen, maar in de praktijk gaat iedereen er voorzichtig omheen. Zeker als het de baas betreft.
Het probleem zit niet in de medewerkers. Het zit in hoe leiderschap eruitziet.
Een feedbackcultuur bouwen is geen trainingsproject, het is een leiderschapsproject. De cultuur volgt het gedrag van de top: als leidinggevenden zelf feedback vragen en er iets mee doen, volgt de rest vanzelf.
Dat klinkt logisch. Maar in de praktijk is het voor veel leidinggevenden oncomfortabeler dan ze verwachten.
Wat er echt verandert als je zelf begint
Ik werkte een tijdje geleden met een directeur van een middelgroot adviesbureau. Goed bedrijf, slimme mensen, maar de onderlinge communicatie liep stroef. Zijn analyse: mensen spraken elkaar niet aan. Zijn oplossing: feedbacktraining.
Na een gesprek besloten we iets anders te proberen. Hij begon elke maandagochtend zijn MT-overleg met een simpele vraag: wat had ik vorige week beter kunnen doen? Hij stelde die vraag, zweeg, en wachtte echt op een antwoord.
De eerste keer was het stil. De tweede keer ook, maar iets korter. Na drie weken zei zijn financieel directeur iets wat al jaren onuitgesproken was. Niet aanvallend, maar direct. De directeur bedankte haar en deed er iets mee. De week erop.
Dat moment veranderde iets. Niet de training. Niet het systeem. Dat ene gedrag van die ene persoon aan het hoofd van de tafel.
Mensen kijken naar wat leiders doen, niet naar wat ze zeggen. Als jij als leidinggevende laat zien dat je feedback kunt ontvangen zonder je te verdedigen, zonder het onderwerp te wisselen, geef je iedereen om je heen toestemming om hetzelfde te doen.
Dat is hoe een feedbackcultuur in een organisatie werkelijk ontstaat: niet als project, maar als gedrag dat zich verspreidt.
Continue feedback bouwen: klein, consistent, echt
Continue feedback bouwen klinkt als een systeem, maar het begint bij gewoontes. Kleine momenten die regelmatig terugkomen.
In mijn gesprekken met leidinggevenden kom ik een paar patronen tegen die werken:
Feedback vragen bij afronding. Niet één keer per jaar in een cyclus, maar aan het einde van een project, een klantgesprek, een heisessie. Wat ging goed? Wat had ik anders kunnen doen? Twee vragen, vijf minuten, en de leidinggevende vraagt ze als eerste.
Iets doen met wat je hoort. Dit is het deel dat vaak wordt vergeten. Je kunt vragen stellen zoveel je wilt, maar als mensen niet zien dat er iets mee gebeurt, stoppen ze met eerlijk antwoorden. Dus als iemand je feedback geeft en jij past iets aan, benoem dat dan expliciet: ik heb nagedacht over wat je vorige maand zei, ik doe het nu anders.
De feedbackcultuur in het MT beginnen. Niet bij de medewerkers, niet bij de teamleiders. Bovenaan. Als het MT onderling geen feedback geeft en ontvangt, is de kans nul dat het eronder wel lukt. Gebruik een MT-overleg als oefenruimte. Niet met een trainer erbij, maar gewoon door het te doen.
Paul van Heeringen begeleit directeuren en MT-teams bij dit soort trajecten. Wat hij keer op keer ziet: het gaat niet om de techniek van feedback geven. Het gaat om de bereidheid om zelf kwetsbaar te zijn als leidinggevende. Dat is het moeilijke deel. En tegelijkertijd het meest werkzame.
Een feedbackcultuur MT-breed invoeren vraagt om consistentie over langere tijd. Niet drie maanden, maar een jaar of langer. Cultuur is slijmlaag. Die verander je niet met een training. Die verander je met herhaling van ander gedrag, zichtbaar en consequent, van boven naar beneden.
En als je ergens mee wil beginnen? Begin volgende week bij je eigen team. Vraag wat je beter had kunnen doen. Wacht op het antwoord. En doe er iets mee.
Veelgestelde vragen
Hoe lang duurt het voordat een feedbackcultuur zichtbaar verandert?
Reken op minimaal een jaar. Cultuurverandering gaat langzaam, zeker als het gaat om iets als feedback geven dat veel mensen spannend vinden. Wat je eerder merkt zijn kleine verschuivingen: mensen die iets uitspreken wat ze eerder voor zich hielden, gesprekken die eerlijker worden. Dat zijn de signalen dat je op de goede weg zit. Maar het vraagt consistentie van leidinggevenden over langere tijd.
Wij hebben al een feedbacksysteem met 360-graden beoordelingen. Is dat niet genoeg?
Een systeem helpt, maar het is niet de kern. 360-graden feedback geeft waardevolle informatie, maar als leidinggevenden er niets mee doen of het puur als HR-instrument behandelen, verandert er weinig in de dagelijkse cultuur. Continue feedback bouwen betekent dat het onderdeel wordt van hoe mensen dagelijks met elkaar omgaan, niet alleen van de jaarlijkse cyclus.
Wat als mensen in mijn organisatie feedback gewoon niet gewend zijn?
Dan is dat precies het startpunt. Mensen zijn niet gewend aan feedback omdat het lange tijd niet veilig was, of omdat er nooit iets mee werd gedaan. De manier om dat te doorbreken is niet door te zeggen dat het voortaan anders moet, maar door het zelf te laten zien. Als jij als leidinggevende feedback vraagt en er zichtbaar iets mee doet, laat je zien dat het veilig is. Dat geeft anderen ruimte om te volgen.




