Feedback en coaching in talentmanagement: hoe het werkt
- Paul van Heeringen

- 20 jun 2024
- 4 minuten om te lezen
Bijgewerkt op: 11 jun
Feedback en coaching in talentmanagement: hoe het werkt
Feedback en coaching zijn de krachtigste instrumenten in talentmanagement, maar alleen als ze structureel zijn en niet afhankelijk van een functioneringsgesprek. Talent groeit in de dagelijkse praktijk, niet in een jaarlijkse beoordeling.
Je kent het vast: het MT-overleg loopt ten einde, iemand noemt de naam van een medewerker die al twee jaar "veel potentieel heeft", en vervolgens kijkt iedereen elkaar aan. Want wat doe je er eigenlijk mee? Vorig jaar stond het ook al op de agenda van de heisessie. En daarvoor ook. Het talent is er. De groei blijft uit.
Dat is precies het probleem dat ik bij bijna elke organisatie tegenkom. Niet een gebrek aan talent, maar een gebrek aan de dagelijkse condities waaronder talent kan groeien. Feedback en coaching worden ingezet als instrument bij beoordelingsgesprekken, terwijl ze juist in de doordeweekse praktijk hun werk moeten doen.
Waarom een functioneringsgesprek talent niet ontwikkelt
Een jaarlijks of halfjaarlijks gesprek geeft een momentopname. Misschien een goede momentopname, maar een momentopname toch. De medewerker hoort wat er goed ging en wat beter kon, ondertekent het formulier, en loopt de deur uit. Tot volgend jaar.
Het probleem zit niet in het gesprek zelf. Het zit in de tussenliggende periode. Want in die maanden daarna gebeurt het eigenlijke werk. Projecten die mislopen. Presentaties die niet landen. Keuzes die gemaakt worden zonder dat iemand even meekijkt. Precies die momenten zijn de leermomenten, en precies daar ontbreekt de feedback.
Ik sprak een tijdje geleden een leidinggevende bij een middelgroot adviesbureau. Zij had een medewerker die technisch sterk was maar moeite had met klantgesprekken. Dat stond keurig beschreven in het functioneringsformulier. Maar haar aanpak was anders: ze vroeg de medewerker na elk klantgesprek tien minuten te blijven. Geen groot gesprek. Gewoon: wat ging goed, wat zou je de volgende keer anders doen? Binnen zes maanden was het verschil merkbaar. Niet omdat het talent er plotseling bij was gekomen, maar omdat het de ruimte kreeg om te oefenen met directe terugkoppeling.
Dat is coaching in de dagelijkse praktijk. Niet een apart traject met een externe coach, maar een patroon van kleine, frequente momenten van reflectie dicht op het werk.
Structureel versus incidenteel
Het woord "structureel" klinkt zwaar, maar het betekent hier iets eenvoudigs: het moet een gewoonte zijn, geen uitzondering. Feedback die alleen gegeven wordt als iets fout gaat, is correctie. Feedback die regelmatig gegeven wordt, is ontwikkeling.
Voor talentmanagement maakt dat een groot verschil. Medewerkers met potentieel hebben niet alleen bevestiging nodig dat ze goed bezig zijn. Ze hebben ook behoefte aan houvast bij de volgende stap: wat moet ik leren om verder te groeien, en hoe doe ik dat concreet?
Coaching vult die behoefte in. Niet door antwoorden te geven, maar door vragen te stellen die iemand zelf laten nadenken. Wat wilde je bereiken in dit gesprek? Wat heb je gedaan? Wat had je ook kunnen doen? Die drie vragen alleen al openen een reflectieproces dat een functioneringsformulier nooit kan openen.
Paul van Heeringen werkt dagelijks met organisaties die hun talentmanagement willen versterken. Wat hij steeds terugziet: de organisaties waar talent het snelste groeit, zijn niet de organisaties met het beste beoordelingssysteem. Het zijn de organisaties waar leidinggevenden er een gewoonte van hebben gemaakt om hun mensen aan te spreken op hun groei, buiten de formele momenten om.
Dat vraagt iets van leidinggevenden. Het vraagt tijd, maar ook een bepaalde houding: nieuwsgierigheid naar hoe iemand denkt en leert, in plaats van een oordeel klaar hebben. Die houding is te leren. Maar dan moet je hem wel oefenen.
Hoe je het inbouwt in je organisatie
De vraag is niet of feedback en coaching werken in talentmanagement. Dat doen ze aantoonbaar. De vraag is hoe je ze inbouwt zodat ze niet afhankelijk zijn van de motivatie van een leidinggevende op een afdeling.
Een paar principes die ik in de praktijk zie werken. Begin klein: een vaste terugkerende check-in van vijftien minuten per twee weken is meer waard dan een uitgebreide ontwikkelconversatie die vier keer per jaar plaatsvindt. Koppel feedback aan concrete situaties: het meest leerzame moment is direct na een ervaring, niet drie maanden later. En maak het wederzijds: medewerkers die ook hun leidinggevende feedback geven, raken meer betrokken bij hun eigen ontwikkeling.
Dat laatste is het meest onderschatte onderdeel. Talent dat leert om feedback te vragen, te geven en te ontvangen, groeit niet alleen sneller. Het leert ook sneller van anderen in de organisatie. Dat maakt coaching uiteindelijk iets wat op elk niveau in de organisatie plaatsvindt, niet alleen in de gesprekken van een leidinggevende met een medewerker.
Terug naar die keukentafel in het MT-overleg. De medewerker met "veel potentieel". Die naam duikt op het agenda-punt omdat iedereen het er over eens is dat er iets moet gebeuren. Maar wat als de vraag niet was: wat doen we met dit talent? Maar: wat doen wij dagelijks om dit talent te laten groeien?
Die verschuiving, van een incidentele beslissing naar een dagelijkse gewoonte, is waar talentmanagement echt begint.
Veelgestelde vragen
Hoe verschilt coaching van een functioneringsgesprek in talentmanagement?
Een functioneringsgesprek is een formeel moment dat een terugblik geeft op een afgelopen periode. Coaching is een doorlopend patroon van korte gesprekken dicht op het werk, waarbij de medewerker leert reflecteren op concrete situaties. Coaching werkt juist omdat het plaatsvindt op het moment dat iemand iets meemaakt, niet maanden later.
Hoe vaak moet je als leidinggevende feedback geven om talent te ontwikkelen?
Frequentie is belangrijker dan duur. Een check-in van een kwartier per twee weken werkt beter dan een uitgebreid gesprek vier keer per jaar. Het gaat erom dat feedback een gewoonte wordt, niet een uitzondering. Koppel het aan concrete situaties, zo kort mogelijk na de ervaring.
Kan iedere leidinggevende coachen of heb je daar een speciaal traject voor nodig?
Iedere leidinggevende kan een coachende houding ontwikkelen. Dat vraagt geen externe opleiding, maar wel bewuste oefening: vaker vragen stellen dan antwoorden geven, nieuwsgierig zijn naar hoe iemand denkt, en feedback losmaken van beoordelingsmomenten. Dat is te leren, mits je het ook echt oefent in de dagelijkse praktijk.




